NEOCAT RASCLUB VOOR
RUSSEN & NEBELUNGEN

 

webhosting 
Word Lid  Herplaatsing      Kittens te          Koop  Dekkaters  Jaargang Baboushka    Foto's

  Home

 Rasstandaard

 
 
 
  Vermist
 

      De ontwikkeling en socialisatie
van kittens

door Yolanda E.W. Lankhaar - Heuzen


M.A. Dijkstra Soubbotina

Het socialiseren is een heel belangrijk proces bij het opvoeden van kittens. Om als fokker op juiste wijze kittens te socialiseren, heeft men kennis van zaken nodig omtrent de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van kittens.

DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING Pasgeboren kittens beginnen hun leven zonder optimale ontwikkeling van de zintuigen. Zo zijn ze aanvankelijk blind, horen en ruiken ze weinig en zijn ze geheel afhankelijk van de verzorging van hun moeder. Het is de moederpoes die hen zoogt, schoon maakt en warm houdt aangezien de kittens de eerste 7 weken van hun leven hun lichaamstemperatuur niet zelf op peil kunnen houden. Het is daarom belangrijk dat de fokker ervoor zorgt dat het behaaglijk warm is in het vertrek waar de kittens zich bevinden.
Zoals gezegd kunnen de pasgeboren kittens aanvankelijk slechts in zeer beperkte mate van hun zintuigen profiteren. Zo vinden zij hun moeder voornamelijk op de tast: zij voelen waar zij is door de warmte die haar lichaam produceert, later ook door haar lichaamsgeur. Ook de tepel, die na enige strijd is veroverd, zal het kitten kunnen lokaliseren door de specifieke geur die het na enige dagen afscheidt.

Het gehoor ontwikkelt zich na de geboorte in een rap tempo; vanaf 2 weken kunnen de kittens zich oriënteren d.m.v. geluiden. Op de leeftijd van 4 weken kunnen de kittens uitstekend horen.
Tussen de 7 en 12 dagen na de geboorte gaan de ogen open. Dit openen neemt meestal 2 a 3 dagen in beslag. Aanvankelijk zien de kittens nog niet veel, maar aan het eind van de 3e levensweek zijn ze in staat om hun moeder visueel te lokaliseren. Het zicht ontwikkelt zich echter nog verder totdat de kittens ongeveer 10 weken oud zijn.

Het melkgebit komt tussen de 2e en 5e levensweek door. Zodra kittens ongeveer 3 1/2 maand oud zijn, gaan ze wisselen; zij krijgen dan hun volwassen gebit. Daar moeten zij dan de rest van hun leven mee doen.
De eerste twee weken van hun leven zijn kittens tamelijk immobiel. Vanaf 2 weken oud kunnen de kittens op rudimentaire wijze "lopen". Zodra ze ongeveer 4 weken oud zijn gaan de kittens de "wijde wereld" in. Zij begeven zich steeds verder van het nest af. De motoriek ontwikkelt zich nu in een vlot tempo. Met 5 weken kunnen de kittens al kleine stukjes rennen en klimmen volgt niet veel later. Zodra zij 10 weken oud zijn, is de motorische coördinatie volledig ontwikkeld.

                              
                         Novaya                                                                            Novaya

DE SOCIALE EN GEDRAGS ONTWIKKELING Gedurende de eerste 3 weken van zijn leven is het kitten geheel afhankelijk van moedermelk voor zijn voeding. Het is in deze periode de moeder die het zogen initieert; zij biedt de kittens gelegenheid tot drinken. Bij wilde of verwilderde katten brengt de moederpoes, zodra de kittens ongeveer 4 weken oud zijn, levende prooi naar het nest. Zo rond de 5e levensweek proberen de wilde of verwilderde kittens al zelf muizen te doden. Onze verwende huistijgers worden echter op hun wenken bediend en hoeven hun kostje niet zelf bij elkaar te vangen.

Tijdens de vierde levensweek begint het spenen; de kittens gaan over op vast voedsel. Tevens zijn het meer en meer de kittens die het zogen initiëren en niet de moeder. Zo tussen 5 en 6 weken oud kunnen kittens zelf hun behoeften doen, zowel de grote als ook de kleine boodschap.
Zodra de kittens ongeveer 3 a 4 weken oud zijn, beginnen zij met elkaar te spelen. Aanvankelijk bestaat het spel uit quasi-woeste aanvallen op moeder en nestgenoten met de bijbehorende stoeipartijen. Hierin zijn duidelijk veel elementen te vinden die vooruitlopen op het territoriale gedrag en de sociale hiërarchie. Met 4 weken kunnen kittens al goed worstelen, waarbij ze elkaar met de voorpoten vastgrijpen en hard met de achterpoten trappelen/schoppen.
De zijwaartse sprong-met-stijve-poten hebben ze meestal met 5 weken onder de knie, en in de zesde kunnen ze al behoorlijk achter elkaar aan rennen en op de nek springen. Ook gaan zij in die periode hun vacht en die van een ander verzorgen. Het spelen met voorwerpen begint meestal tussen de 5e en de 6e week; ze oefenen hun fijne motoriek.


Kitten

Het aantal onderdelen van het spelprogramma neemt voortdurend toe; drie onderdelen, die met het jagen te maken hebben, komen vanaf +/- de zesde week regelmatig terug. Het zijn de 'muissprong', de 'vogelmep' en het 'visjewippen'. Een stuk touw of de staart van de moeder roepen sluipgedrag op, waarbij het kitten steels naar voren kruipt met zwiepende staart, waarna de muissprong volgt. Een bengelend touwtje, een vlieg of een ander insekt, zijn aanleiding voor de vogelmep. Het geestdriftig heen en weer tikken en telkens weer opwippen van propjes demonstreert de viswipbeweging.

Zo rond de 5e levens maand wordt het spelen minder en neemt ook het enthousiasme af. In de natuur moeten kittens zichzelf zien te redden zodra ze ongeveer 4 1/2 maand oud zijn. Wellicht hebben ze rond die leeftijd hun hele speelrepertoire afgewerkt.
Bij kattenfokkers is het de goede gewoonte (en zelfs verplichting) om de kittens op z'n vroegst met 12 a 13 weken van hun moeder te scheiden. Dit doet men om een aantal redenen: a) om de gezondheid; het kitten kan pas rond de 12e levensweek een volledige bescherming tegen katten en niesziekte( en eventueel chlamydia) opbouwen. b) om de geestelijke gezondheid; alleen een kitten dat zich volledig sociaal heeft kunnen ontwikkelen door interacties met de moeder, de nestgenoten en eventueel andere katten/diersoorten, kan uitgroeien tot een evenwichtige kat qua gedrag en aard (voorop gesteld dat het daarvoor benodigd genetisch materiaal bij het dier aanwezig is). c) veel raskatten zijn later met spenen dan huiskatten. Hoewel het per ras varieert, kunnen we stellen dat raskatten zo rond de 9e levensweek geheel gespeend zijn.

      

HET SOCIALISEREN
Wat betekent socialiseren in deze context? We bedoelen hiermee dat we het kitten klaarstomen voor een leven als huisgenoot bij de mens. Waarom moet de kattenfokker zijn kittens socialiseren? Hiervoor zijn diverse redenen aan te geven.
In de eerste plaats voor het kitten zelf; als het een lief dier en makkelijk in de omgang is, heeft het de beste kans op een goed en verzorgd leven bij zijn menselijke huisgenoten. Als de kat goed te hanteren is, is dat ook een groot voordeel wanneer het ziek is en door de dierenarts onderzocht/behandeld moet worden.

In de tweede plaats voor de fokker zelf; als al uw kittens lief en sociaal zijn, zult u makkelijker goede tehuizen voor ze kunnen vinden dan voor dieren die een totaal onaangepast gedrag vertonen. Alle kittens gaan primair als huisgenoot de deur uit. Ook al heeft de nieuwe 'eigenaar' fok- en showplannen, dan nog zal het dier het grootste deel van zijn/haar leven als huisgenoot fungeren. De meeste mensen wensen een kat die gezond, lief en probleemloos door het leven gaat. Als u lieve en hanteerbare kittens verkoopt, is dat een heel goede reclame voor uw cattery en zullen de mensen nog eens vaker bij u aankloppen voor een kitten. Ook het tentoonstellen gaat een stuk leuker als uw katten vriendelijk en zachtaardig van aard zijn. Een agressieve kat levert uitsluitend teleurstellingen en diskwalificaties op tijdens een kattenshow.

In de derde plaats zullen de huisgenoten (mensen en andere diersoorten) profiteren van een leven met een heel lieve en gezellige kat. Het mag duidelijk zijn; alle partijen zijn gebaat bij een sociale kat. De volgende vraag die beantwoord moet worden is: hoe en wanneer socialiseer je kittens? Wel nu, de inprentingsperiode loopt van ongeveer 2 tot 7 weken. Dit is de periode waarin het kitten het meest ontvankelijk is voor socialisatie. Dit wil echter niet zeggen dat het ervoor of daarna geen nieuwe dingen meer kan leren, of zich niet meer kan aanpassen aan veranderende omstandigheden.

Het socialiseren neemt een aanvang zodra het kitten geboren is. De fokker neemt het kitten elke dag drie keer even in handen; 's morgens, 's middags en 's avonds. Dit doet u om verschillende redenen: u weegt het kitten een keer per dag, u controleert of alles naar behoren functioneert en ontwikkelt, en tevens leert u het kitten kennen. De eerste dagen zal het kitten blazen en spugen zodra u uw hand in het nest steekt om het op te pakken. Na een paar dagen is het kitten aan uw geur gewend; het blaast en spuugt niet meer en zie daar.... het eerste contact tussen kat en mens is gelegd.
In de loop van weken zal het contact tussen mens en kitten intensiveren. De eerste 2 weken zullen de kittens voornamelijk drinkend en slapend doorbrengen maar zo rond de 3e levensweek is het kitten voldoende ontwikkeld voor meer interactie met de omgeving. De fokker zal vervolgens meer dan slechts drie keer per dag een paar minuten met het kitten bezig zijn.

Vanaf de derde levensweek neemt de interactie tussen het kitten en zijn omgeving meer en meer toe. De fokker stimuleert de ontwikkeling van het kitten door het een leefomgeving aan te bieden waarin het zich optimaal kan ontwikkelen zowel lichamelijk als ook geestelijk. Voor een goede ontwikkeling van botten, spieren en het zenuwstelsel heeft een kitten, behalve een verantwoordde voeding tevens veel ruimte nodig om naar hartelust te kunnen spelen,ravotten, rennen, klimmen, springen etc. Dus nooit permanent kittens in kooien houden! Omdat het kitten vanaf de 6e week graag met voorwerpen speelt, biedt u het allerlei veilig speelgoed aan: propjes papier, balletjes, kartonnen dozen, speelgoed muizen, cat tracks etc. Ook een stabiele krab- en klimboom is onontbeerlijk. De menselijke huisgenoten moeten vanaf de derde week meer en meer met de kittens spelen, ze in handen nemen, kammen, aaien en knuffelen. Op deze wijze maakt men de kittens met mensen vertrouwd. Dit hoeft echt geen uren per dag te kosten; een paar keer per dag per kitten 5 minuten intensieve lichamelijke interactie d.m.v. knuffelen, vasthouden, aaien etc. is voldoende. Vanaf ongeveer de 6e week tevens minstens 2 keer per dag met de kittens spelletjes spelen gedurende 20 tot 30 minuten. Benodigde attributen voor het spel tussen kitten en mens: propjes papier, balletjes, kattenhengeltjes, ticklers, wiebelende tenen (tamelijk riskant voor uw tenen) enz.

Vanaf de vierde week begint het spenen van de kittens. De fokker moet nu de kittens voedsel van de allerbeste kwaliteit aanbieden: pap, blikvoer, in water geweekte kittenbrokjes etc. Zodra het spenen begint, moet men er uiteraard ook voor zorgen dat er een of meerdere kattenbakken aanwezig zijn, die voor de kittens toegankelijk zijn. De kattenbak die door de volwassen katten wordt gebruikt, is meestal wat te hoog. In de periode van 4 tot 7 weken, worden de kittens zindelijk. Tip: zet na het voeren van de kittens, ze een voor een op het kittenbakje. De kittens zullen heel snel door hebben wat de bedoeling is.

Zodra de kittens ongeveer 5 a 6 weken oud zijn, zullen zij zelf ook harde brokjes gaan eten. Zoals gezegd, ontwikkelt het melkgebit zich tussen de 2e en 5e levensweek. De kittens zijn in dit stadium vaak wat bijterig; een dun stokje van bizonhuid kan uitkomst bieden. Tevens bewijzen kartonnen dozen goede diensten voor hapgrage kittens.

Vanaf de 6e week worden de kittens meer en meer actief; zij gaan de wereld verkennen. Ze kunnen inmiddels lopen rennen, klimmen en springen maar hun motorische ontwikkeling is nog niet voltooid. In dit stadium vinden vaak ongelukjes plaats omdat de kittens de situatie verkeerd inschatten. Ze springen bijvoorbeeld niet ver genoeg en vallen. Daarbij kunnen zij zeer ongelukkig terecht komen. De fokker moet in deze periode van hun ontwikkeling de kittens scherp in de gaten houden en hen behoeden voor ongelukjes. Zorg voor een veilige omgeving!
Laat de kittens ook kennismaken met vreemde mensen, kinderen, andere katten en dieren. Blijf er echter wel bij, nooit kleine kinderen en kittens alleen laten, een ongeluk zit in een klein hoekje.
Omdat de kittens als huisgenootjes hun leven zullen slijten, is het goed dat u ze vertrouwd maakt met de normale gang van zaken in een modern huishouden. Wen ze aan: de stofzuiger, tv, (harde)muziek, herrie van andere apparaten, kinderen, katten en andere huisgenoten. Leer uw kittens dat ze niet hun nagels en/of tanden in mensen mogen zetten en ook niet aan meubels of behang mogen krabben. Zijn de nageltjes erg scherp dan kan er een klein puntje afgeknipt worden. Pas op, knip niet in het "leven".

U moet kittens, net als kleine kinderen, opvoeden. Wees ook bij de opvoeding van kittens consequent en denk goed na over wat u hen toestaat. U vindt het misschien erg leuk als een schattig kitten in uw (spijker)broek omhoog klimt, maar vindt u dit ook nog zo leuk als een volwassen kat van ruim 4 kilo hetzelfde doet en het bloed u in de schoenen loopt?
Zodra u de juiste mensen voor uw kittens hebt gevonden, vertelt u hen hoe zij het best de opvoeding van het kitten kunnen voortzetten. Het is namelijk erg belangrijk dat zij uw goede werk niet teniet doen. U als fokker heeft een zeer belangrijke bijdrage geleverd aan de socialisatie van de kittens. Als echter de nieuwe "eigenaar" niet de moeite neemt om de opvoeding en socialisatie voort te zetten, zal het kitten alsnog angstig en wat schuw kunnen worden. Maak de nieuwe "eigenaar" goed duidelijk wat er in dit opzicht van hem/haar verlangd wordt. Op deze wijze verzekert u zich ervan dat mens en kat vele jaren in goede harmonie zullen samenleven.
copyright: Y.E.W. Heuzen 1999


Luna met kittens


Geraadpleegde literatuur:
Pedersen, Niels C, Feline Husbandry, Diseases and Management in the Multiple-Cat Environment, American Vet. Publications , 1991.
Wright, M en Walters, S, Katten, het Spectrum 1981.
Turner, Dennis C en Bateson, Patrick, The Domestic Cat, the Biology of its Behaviour, Cambridge University Press 1988.


            

 

 

 

made by Helen Groeneveld, Cattery Blue Pogar© 2007 disclaim